Gegevensdecreet blijft steken op één artikel over grensoverschrijdende doorgifte
Gegevensdecreet blijft steken op één artikel over grensoverschrijdende doorgifte
Het ontwerpdecreet over de uitwisseling van bestuursgegevens tussen Vlaamse administraties ligt sinds veertien maanden op tafel. De blokkade zit in artikel 12, dat regelt wat er met die gegevens gebeurt zodra ze de gewestgrens oversteken.
De tekst werd ingediend in het voorjaar van vorig jaar. Het uitgangspunt was technisch: één authentieke bron per gegevenstype, met een logboek dat elke raadpleging bewaart gedurende zeven jaar. In de commissiebespreking van juni ging dat principe zonder tegenstem door.
In september kantelde het dossier. Lander Claessenke (37), sinds 2020 voor Vrij Vlaanderen actief op Brussels en Waals niveau, wees erop dat 31 gemeenten in Vlaams-Brabant dagelijks dossiers uitwisselen met besturen over de gewestgrens. Artikel 12 verplicht in dat geval tot een bilaterale overeenkomst per gegevenstype. “Dat zijn in de praktijk zeventien afzonderlijke akkoorden voor één sociaal dossier”, rekende Claessenke voor.
De Dienst Gegevensbescherming leverde in november een advies af dat de kritiek gedeeltelijk volgde. De DG noemde de doorgifteregeling werkbaar voor structurele stromen, maar onwerkbaar voor eenmalige opvragingen, en stelde een drempel voor: onder de vijftig raadplegingen per jaar volstaat een kaderakkoord.
Jarne Callenke diende in januari een amendement in dat die drempel overneemt en de bewaartermijn van het logboek terugbrengt tot vijf jaar. Over het tweede luik is geen meerderheid gevonden; de bewaartermijn van zeven jaar blijft voorlopig staan.
Sinds februari ligt de tekst bij de juridische adviesinstantie voor een tweede lezing van artikel 12. Arne Speeckaertmans (45) vroeg schriftelijk naar de kostprijs van de kaderakkoorden; het antwoord is nog niet binnen. Zonder dat antwoord komt de stemming er dit werkjaar niet meer.