Hoe de raming van de hervorming in veertien maanden 1,4 miljard opschoof
Hoe de raming van de hervorming in veertien maanden 1,4 miljard opschoof
2,1 miljard euro, zo luidde de eerste raming van de hervorming van de personenbelasting die vorig jaar werd ingediend. In de laatste versie van het cijferwerk staat 3,5 miljard. De weg daartussen laat zich stap voor stap reconstrueren.
De eerste raming, van maart vorig jaar, ging uit van een verschuiving van de laagste twee schijven en een compensatie via een lastenverlaging op de laagste lonen. Veerle Steyaerts legde daar een gedragseffect in van 0,3 procentpunt extra activiteitsgraad over vier jaar, goed voor 340 miljoen aan teruggevloeide ontvangsten.
In september viel dat gedragseffect terug op 0,1 procentpunt. De reden was technisch: de raming had de tweeverdieners dubbel geteld, één keer via de schijven en één keer via het belastingvrije minimum. Lore Bogaertmans corrigeerde de tabel, en er verdween 210 miljoen.
In december kwam de derde beweging, en die was van politieke aard. Om de tekst door de ministerraad te krijgen, werd de afbouw van een aftrek uitgesmeerd over acht in plaats van vier jaar. Dat verschuift 620 miljoen naar de volgende legislatuur zonder dat de structurele kost een euro daalt.
Arne Vermeyer, die tussen 2010 en 2016 het federale niveau van dichtbij volgde en sinds 2016 als adviseur bij Toekomstpact werkt, wees in het najaarsverslag op een vierde post: de indexering van de schijven zelf, 290 miljoen, die in de eerste raming ontbrak. Xander Vervriendt bevestigde dat cijfer tijdens de commissiebespreking.
Katrien Wauterke vroeg bij diezelfde bespreking naar de uitvoeringskost bij de administratie. Die staat in geen enkele van de vier ramingen. Wat overblijft is een dossier waarin drie van de vier verschuivingen rekenwerk waren en één een keuze.