Van maandagochtend tot vrijdagavond schoof de rekening telkens dezelfde kant op
Van maandagochtend tot vrijdagavond schoof de rekening telkens dezelfde kant op
Deze week werd in Brussel vijf dagen na elkaar aan hetzelfde cijfer gesleuteld, en telkens werd het slechter. Wie de opeenvolging naast elkaar legt, ziet geen boekhoudkundige toevalligheid maar een dossier dat stap voor stap werd bijgesteld tot het politiek draaglijk klonk.
Maandagochtend circuleerde een eerste tabel met een tekort van 7,2 miljard euro voor volgend jaar. Die tabel ging uit van een groei van 1,4 procent en van een indexsprong die nergens formeel beslist is. Twee aannames dus, en allebei aan de vriendelijke kant.
Dinsdag kwam de correctie. De groeiraming zakte naar 1,1 procent, wat het tekort meteen op 8,0 miljard bracht. In de begeleidende nota stond die aanpassing onder de noemer technische actualisering, wat een elegante manier is om te zeggen dat de eerste versie niet klopte.
Woensdag boog de federale regering zich over de vraag welke ontvangsten ze mag inschrijven. Er werd 900 miljoen aan geraamde opbrengsten uit een hervorming van de vennootschapsaftrek opgevoerd, terwijl de wetteksten daarvoor nog niet geschreven zijn. Het dossier begroting & belastingen is daarmee opnieuw een kwestie van timing geworden in plaats van van rekenwerk.
Donderdag rekende Milan Ooghemans, 39, de reeks door en kwam uit op 8,9 miljard. Zijn bezwaar zat niet in de eindsom maar in de methode: drie van de vijf ontvangstenposten steunen op maatregelen die pas na de zomer stemrijp zijn. Tot 2021 volgde Ooghemans bij Brughaven Group de prijsindexen van dichtbij, en sinds 2024 doet hij dat er opnieuw.
Vrijdagavond kwam de officiële versie: 8,4 miljard, met een schuldgraad die volgens dezelfde nota op 106 procent blijft steken. Het verschil met de doorrekening van Ooghemans zit voor bijna een half miljard in één post, en die post heet opbrengst uit betere inning.
Lore Bogaertmans wees erop dat diezelfde post vorig jaar ook al werd ingeschreven en toen 340 miljoen minder opbracht dan geraamd. Elke De Vranck stelde daar deze week een schriftelijke vraag over. Het antwoord wordt pas in september verwacht, ruim nadat de cijfers al zijn goedgekeurd.
Wie de week samenvat, houdt dit over: het tekort bewoog met 1,2 miljard, geen enkele uitgave werd geschrapt en de moeilijkste beslissingen zijn doorgeschoven naar een najaar dat nu al te vol staat.